De Arbeidstijdenwet regelt de maximale werktijden en minimale rusttijden voor medewerkers van 18 jaar en ouder. Het doel is veilige, gezonde en duurzame inzet. Voor sectoren waar onregelmatigheid, diensten en piekbelasting normaal zijn zoals zorg, overheid, bedrijfsvoering, handhaving, klantcontact en backoffice, is de ATW een essentieel kader voor planning en roostering.
Waarom de ATW belangrijk is
In veel organisaties is de druk op dienstverlening hoog. Zonder duidelijke kaders kunnen roosters snel leiden tot te weinig rust, te veel opeenvolgende diensten of onregelmatige inzet. Dit vergroot de kans op fouten, verzuim en lagere kwaliteit. De ATW helpt om dat te voorkomen en geeft structuur aan het hele planproces.
Belangrijke onderdelen in de praktijk
De minimale en maximale kaders zijn belangrijke richtlijnen, maar bij gezond roosteren zoek je deze niet te vaak op. Wanneer een medewerker 8 uur tijd tussen twee diensten heeft, voldoe je aan de kaders. In praktijk zie je dat er ook nog reistijd, eten, douchen e.d. bijkomen. De effectieve rust- of slaapduur bedraagt dan al snel maar 5,5 uur.
Sturen met data
Een goede ATW-borging vraagt om actuele en betrouwbare data. Denk aan dienstpatronen, werkdruk, rustmomenten, afwijkingen en verzuim. Door deze gegevens te koppelen aan roosters, formatie en dagsturing krijg je niet alleen achteraf, maar ook tijdens het maken van de roosters: